Muzisch-agogisch werken

Kom i gang. Det er Gratis
eller tilmeld med din email adresse
Muzisch-agogisch werken af Mind Map: Muzisch-agogisch werken

1. Doelen

1.1. Het leren uiten van en leren vorm geven aan persoonlijke belevingen, gedachten en gevoelens

1.1.1. Een tekening/strip maken van de situatie

1.1.2. Ademhalings-, ontspannings- en lichaamsbewustzijnsoefeningen

1.2. Het bewust worden en eventueel verwerken van belevingen, gedachten en gevoelens

1.2.1. Programma Taarten van Abel

1.2.2. Heimweediner voor ouderen (zoals vroeger)

1.2.3. Theatervoorstelling

1.3. Het ontwikkelen van creativiteit en vindingrijkheid op muzisch gebied

1.3.1. Posters

1.3.2. Incestervaringen

1.4. Het (her)ontdekken van de creatieve mogelijkheden en het (her)opbouwen van het (zelf)vertrouwen op dit vlak

1.4.1. Leren schilderen

1.4.2. Cursussen met yoga, judo, karate, kookclubs

1.5. Het ontwikkelen van een persoonlijke identiteit, van talenten en voorkeuren

1.5.1. Project rondom uiterlijk

1.5.2. Emotionele landkaart

1.6. Sociale ontwikkeling, bijvoorbeeld inlevingsvermogen, vaardigheden en maatschappelijke bewustwording

1.6.1. Geocoaching

1.6.2. Groepsprocessen

1.7. Inzicht opdoen in eigen gedrag, vaardigheden trainen of met mogelijkheden daarvan experimenten

1.7.1. Speeltoestel maken - overgewicht

1.7.2. Rolstoelendans met verf

1.8. Het activeren, in beweging zetten van mensen

1.8.1. Gezelschapsspel

1.8.2. Cursus Wiiën

1.9. Het inspelen op het menselijk vermogen tot verwondering, bezieling en plezier

1.10. Het bewust worden en aansturen van de invloed van gevoelens, gedachten en normatieve kaders op gedrag

2. Manieren van muzisch werken

2.1. Receptief

2.1.1. Zintuigen

2.2. Reproductief

2.2.1. Reageren door nadoen en imiteren

2.3. Reflectief

2.3.1. Een reactie of een waardeoordeel geven

2.4. Creatief

2.4.1. Ontwerpen en fantasie aanspreken

2.5. Expressief

2.5.1. Emotionele belevingen aanspreken

3. Appèlwaarden

3.1. Sensopathisch

3.1.1. de uitnodiging tot beleving in de directe, zintuiglijke of lichamelijke omgang met het materiaal

3.2. Dimensionaal

3.2.1. Heeft te maken met de ruimte waarin een activiteit zich afspeelt en met de mogelijkheden die iemand daarin ziet om te bewegen

3.3. Thematisch

3.3.1. Heeft te maken met de uitnodiging die van bepaald activiteiten kan uitgaan op grond van de betekenis ervan,

4. Optimal arousal 3 kringen

4.1. Comfort zone

4.1.1. Weinig uitdaging

4.2. Stretch zone

4.2.1. De uitdaging is precies goed

4.3. Panic zone

4.3.1. De uitdaging is te groot